BELANGENGROEP  STAD BRONKHORST

Klik hier om de ondertitel te bewerken

 


Een keer in de maand schrijft Marianne van Geloven uit Bronkhorst een column over hetgeen haar zoal bezighoudt.

Column december


De laatste column van dit jaar en het derde jaar op rij.

Doe ik het graag? Vind ik het leuk? Wordt het gelezen? Heeft het zin?

Op de eerste twee vragen kan ik zelf het antwoord geven; op de tweede twee niet.

Voor deze speciale gelegenheid ben ik aan de rand van Bronkhorst gaan zitten, bij het Gemaal. Ik wilde er vooral even uit en het leek me wel interessant om daar met een schrijfblok en pen bezig te zijn. Had wat inspiratie nodig, zo na de Kerstdagen. 


Het wordt nu steeds wat drukker. Eerst bezette ik het 2e tafeltje en nu, nu ik mijn koffie nog niet op heb, zijn er al 4 tafeltjes bij gekomen. Ik tel even de mensen (mannen) die met een telefoon bezig zijn. Drie van de negen en slechts één per tafeltje.

Het telefoongebruik is na 10 minuten verminderd.

Rechts in de wei lopen 17 witte schapen, een zwarte en een bruine. Ze verplaatsen zich langzaam naar de hoek van de wei.

Er komt weer een tafeltje bij.

Er vliegt een hele zwerm “zwarte” vogels over. 


Vanmorgen tijdens “Vroege Vogels’ waren een aantal mensen kraanvogels aan het spotten. Tenslotte kwamen ze steeds naderbij. De vogelspotters waren euforisch.

Er vliegen trouwens geregeld zwermen vogels door de lucht.

Niet gek, zo’n levenswijze.

De eerste boot die ik door de IJssel zie gaan. Een betrekkelijk kleine, hoog op het water.

En weer komt er een tafel bij en gaan er twee weg.


Links in de wei zie ik twee witte vogels, één in de wei, één in het riet.”


Nu ik mijn observaties en geschrijf aan het uittikken ben, vraag ik mij af of dit enige zin heeft. Nee natuurlijk. Maar voor een keer is het misschien wel aardig/apart?

Voor mij was het in ieder geval wel leuk om alleen bij het Gemaal te zitten, zonder me wat ongemakkelijk te voelen. Integendeel: door mijn geschrijf en observeren, leek ik wel interessanter te worden dan ik in werkelijkheid ben!

Marianne


Column november

Er waren in deze maand 3 vergaderingen. De eerste was op 5 november, de tweede op 19 november en de laatste op 29 november.

De eerste ging over de onderwerpen uit het Visieplan:

  • Natuur/landschap
  • Duurzaamheid en milieu
  • Verkeer en mobiliteit
  • Commercie en toerisme
  • Wonen
  • Samenleven

We konden ons door het uitzoeken van een kaartje bij een van de zes onderwerpen/tafels aansluiten en met de mensen die eveneens in het onderwerp geïnteresseerd waren, verder praten. Ik zat bij het onderwerp Samenleven. En we hebben spijkers met koppen geslagen! In januari beginnen we met het klaarmaken en inrichten van de schuur die op mijn terrein staat. Het wordt een gemeenschapsruimte!

Ik hoorde dat de Natuur/landschapstafel ook al met een uitvoeringsplan kwam.

Leuk om op deze manier met de verschillende onderwerpen bezig te zijn.

Toen kwam de vergadering op 19 november. Uitnodiging van De Gouden Leeuw die daar (als ik het goed heb begrepen) toe aangezet was op de bovengenoemde vergadering. Er waren zoveel bewoners aanwezig dat er nog twee tafels bijgezet moesten worden. Er was een standaard met tekening van de huidige (+ nieuwe) situatie. Er was Ruud die met aanwijsstok de nieuwe situatie uitlegde, er waren veel bewoners die vragen/aan- en opmerkingen hadden, er was een “nieuwe” bewoner, die op het terrein van Ruud woont en niet ophield te verklaren dat hij nooit last had van de gasten op het parkeerterrein en dus niet begreep waarom er zoveel bezwaren waren. Er waren twee mensen van de gemeente.

Dit was een geheel andere vergadering dan de eerste. De eerste vergadering zou je zeker het predicaat constructief kunnen geven. De tweede vergadering zou dat predicaat alleen kunnen krijgen als er alsnog gehoor wordt gegeven aan de op- en aanmerkingen, bezwaren en wensen die genoemd zijn.

En dan was er de Kermisvergadering. Opnieuw allemaal mannen achter de tafel. Niets mis mee, want ze zijn het aanzien waard, maar wel wat eentonig, -duidig. Het officiële gedeelte verliep soepel en vlot, zoals we dat gewend zijn. Er waren, geloof ik, geen vragen en opmerkingen: Verloting, drankje(s) en hapjes.

En toen de foto’s, films van de afgelopen Kermissen. Leuk om te zien.

Marianne


Column oktober

De maand oktober was voor míj dit jaar een drukke en woelige maand.

Al 75 jaar ben ik op 7 oktober jarig. Ik hou niet héél erg van verjaardag vieren en twijfelde er aan of ik het deze keer wél zou doen. 75 is toch een gedenkwaardige leeftijd. Ik heb het gevierd in de Theetuin van Vierakker, een prachtige locatie, vooral het buitengebied. Nu wilde het toeval dat het die dag regende, maar dat deed aan het plezier niet veel af.

Er waren ongeveer 30 mensen en toen we binnenkwamen, stond de koffie, thee en het gebak op een tafel klaar. Iedereen kon zelf zijn kopje inschenken, gebak/koek en een plaatsje uitzoeken. Dat vond ik wel een heel prettige, ontspannen manier van binnenkomen. De bijeenkomst duurde twee uur en in die tijd heeft mijn dochter een (voor mij) prachtige en ontroerende levenslooptoespraak gehouden.

Na de bijeenkomst hebben we (kind, kleinkinderen, schoonzoon, schoonkleinzoon) bij de Wijnhuistoren gegeten. En ik werd ook nog thuisgebracht!

Daarna werd het enigszins anders!

75 Jaar betekent een nieuw rijbewijs. In juni hadden mijn kleindochter en ik het formulier Gezondheidsverklaring Rijbewijs 75+ (RDW) digitaal ingevuld. Ik was met foto en rijbewijs bij de Gemeente geweest. Ik dacht dat het daarna vanzelf zou gaan. Dat was beslist niet zo!! Ik kreeg (per post) nog wel 5 brieven en een boekje met extra uitleg bij de vragen voor de gezondheidsverklaring.

Ik heb een afspraak gemaakt voor een (noodzakelijk) medisch onderzoek. Dat zal plaatsvinden op 4 november a.s. Ik ben benieuwd of dat vlekkeloos verloopt!

Van de praktijkondersteuner van de huisarts kreeg ik een uitnodiging voor een onderzoeksgesprek. Daarvoor moet bloed- en urineonderzoek plaats vinden. Ik heb dat een vorige keer als zinvol en prettig ervaren. Afspraak op 16 oktober. Twee dagen later moest de afspraak verzet worden omdat zij ziek was.

Mijn dochter dringt er al enige tijd op aan dat ik (we) een afspraak bij de notaris maken ivm overlijden, dementie o.i.d. Ze heeft gelijk. Een goede vriendin heeft nu een probleem daardoor en dus ook haar zoon en dochter (vriendin van mijn dochter).

Op de dag dat ik me daarover ging buigen, kwam met de post informatie van het donorregister binnen. Wel handig, maar een beetje veel.

Van de RDW kreeg ik op 14 oktober een brief dat mijn auto nog niet APK gekeurd was.

Hij staat nu (21 oktober) bij de garage. Hopelijk is dat verder snel afgehandeld.

Zal de rest van dit jaar zo doorgaan, of zal het rustiger worden?

Marianne


Column september

De bijzondere en drukke maand september.

Op 29 augustus kwamen, precies om 19.00 uur, voor de eerste keer de trommelaars door de straten van Bronkhorst. Wij zaten, zoals altijd, op een bankje, krukje, stoeltje, paaltje voor de deur van de winkel (Onderstraat 1). We waren benieuwd hoe het zou gaan. Het ging niet slecht en in de loop van de dagen ging het steeds beter. De docent reed voorop op zijn fiets. Het is niet voor niets en ook wel handig dat deze leraar een oorkonde kreeg uitgereikt met de verplichting om gedurende zijn leven trommeldocent te blijven.

Het natmaken van de vogel. Ik was daar nog nooit bij geweest. Deze keer wel. Ik was dus een groentje. Bij de boom van Johanna stonden o.a. twee lange tafels met banken. Tussen die tafels bevond zich de vogel. Ik ging vlak naast de vogel zitten, niet wetend wat er ging gebeuren. Iedereen die een pilsje dronk, schonk daarvan wat op de vogel en gaf een harde klap met vlakke hand. Spetters al om. Met recht een soort doop!

’s Avonds kwamen er verrassend veel dames/vrouwen om al dan niet met voorkennis, de roosjes te maken.

Na het vogelschieten ging het mooiste koningspaar van Bronkhorst door de stad.

De volgende dag ben ik nog bij de optocht geweest. De mooie bruiden met hun originele bruidsjurken en een bruidsmeisje(?), waarachter de eikenprocessierups! Ook de rondrijdende karretjes waren verrassend.

De rest van de Kermis is wat aan mij voorbijgegaan omdat ik niet goed in staat was om rechtop te lopen (een beetje ziek was).

En dan was er op 12 september de bijeenkomst over glasvezel (’t Wapen). Er waren ongeveer 12 mensen en we werden enthousiast gemaakt voor glasvezel. Kregen uitleg en konden ons inschrijven.

En op 21 september de traditionele appelplukdag. Prachtig weer, veel appels, aardige mensen.

Het was dus inderdaad een drukke, levendige maand en het weer was meestal prachtig.

Dit voorjaar is de notenboom gesnoeid (dat schreef ik m.i. al eerder). Hij geeft nu ontzettend veel noten. Wie zin heeft om een zakje te komen halen? Welkom!

Marianne


Column juli en tevens voor augustus

Bella Bronkhorst. Door de warmte stonden de tafels in andere opstelling omdat het nodig was een overkapping te hebben. Ook Youssef, over wie ik in de column van april schreef, was met mij meegekomen. Hij had de overheerlijke frambozen/rabarbercompote gemaakt, beide ingrediënten uit eigen tuin. Ook de salade was door hem gemaakt. Bijzonder om dit gebeuren zomaar weer in de bekende tuin, maar met een nieuwe eigenaar te kunnen vieren.

Ik vind het ook bijzonder dat de uitnodiging die ik noteerde om walnoten of sinds kort verse groenten (sla) die door de moestuinbeheerders worden gekweekt aanbied, er toch niemand aan de poort staat. Zou ik dat zelf wel doen? Dat weet ik niet zeker. Zou er een manier te bedenken zijn waarbij dat wel kan gebeuren? Ik heb een schatting gemaakt van de hoeveelheid walnoten die er nog van vorig jaar staan. Het is ruim 15 kg.

De walnotenboom is gesnoeid. Daar ben ik heel erg blij mee. De takken hangen nu niet meer tot even boven de grond, dus dat geeft licht en ruimte. Het heeft nog een onverwacht effect. Tot nu toe vond ik het heel vermoeiend en onrustig als het stormde. Nadat de boom gesnoeid was, heeft het nog tweemaal behoorlijk gestormd: en ik had nergens last van!!

Mijn dochter en ik hebben opnieuw, voor de tiende keer, een prachtige Oerol beleefd. Het was wel wat wennen dat ik nu een B&B kamer had en wij dus niet meer samen in de tent sliepen. Het was almaar prachtig weer en we hebben opnieuw prachtige voorstellingen gezien. Dagelijks een of twee. Zelfs een avondvoorstelling van een zangeres met haar drie mannelijke compagnons. “Melodrama op speed”. Ik was benieuwd wat ik ervan zou vinden. Interessant, verbazingwekkend. Vooral ook het publiek, dat duidelijk met meer kennis en interesse naar deze voorstelling kwam. Iets voor het einde heb ik me uit de voeten gemaakt.

Sindsdien ben ik weer fulltime bezig in de tuin. Het groot en wat achterstallig onderhoud begint langzaamaan ten einde te geraken. Ik ben zeer tevreden over het resultaat tot nu toe.

Heel regelmatig komen er toeristen het erf op, deels voor het zeepwinkeltje als dat open is, deels uit interesse, nieuwsgierigheid door de border aan de voorkant. Als ik daar ook aanwezig ben, vraag ik wel eens of zij ook de achterkant willen zien. Dan vertel ik het een en ander over Bronkhorst en het leven hier. Een vast onderwerp is dat er overal maar één rij huizen is en (haast) iedereen dus woont zoals ik: aan de achterkant van het huis en met een prachtig vrij uitzicht. Voor veel mensen is dat een verrassing.

We hebben wel het een en ander ontvangen van en over Bronkhorst:, Van de gemeente het beschermd Stadsgezicht, de beschermde gezichten Bronkhorst, Hummelo en Laag-Keppel, de folder Wandelen en winkelen in Bronkhorst en van de BSB het Concept Visieplan van Bronkhorst. Genoeg voer om door te lezen en belangrijk genoeg om onze meningen daarover te laten horen.

Een beetje een rommelige column vind ik zelf. Volgende keer beter hoop ik.


De prachtige maand mei

Er gebeurt veel in de natuur in de maand mei.

Het hoogtepunt voor mij zijn dit jaar de klaprozen.

Toen vorig jaar in september de grote vijver tot stand kwam, moest ik met enige smart denken aan de uitbundig bloeiende klaprozen, die daar het jaar daarvoor stonden.

Tot mijn verbazing zag ik dit jaar eerst aan de rand van de vijver, in de border die zich ook aan de rand van het terras bevindt, de interessante bladeren en later de knoppen van de klaproos verschijnen.

En nu bloeien daar al wekenlang de prachtige, zich door hun kleur zo onderscheidende , klaprozen. Waar ik ook in de kamer zit, op de vaste plek “op de kachel”, op mijn eetplek aan tafel, op de plek waar ik comfortabel tv. kan kijken (als ik daarvoor niet op de kachel zit), overal heb ik zicht op de klaprozen.

Er vallen ook wel (soms veel) bloemblaadjes in de vijver. Ook dat vind ik een mooi gezicht. Ze verkleuren vrij snel tot een bijzonder soort wit. Even lijkt het dan of ik vissen in de vijver heb, hetgeen ik persé niet wil.

Met Youssef is dat anders. Hij is nu de “eigenaar” van de kleine vijver, die al 20 jaar bestaat.

Hij wil er heel graag vissen in. Ik heb hem gezegd dat hij dan eerst moet onderzoeken (lezen) hoeveel en welke vissen er in zouden kunnen.

Gisteren hebben we in Steenderen bij de zoon van mijn hulp, 3 (goud?)vissen opgehaald. Youssef had een ijsbakje meegenomen. Dat was niet te gebruiken/te klein.

Een emmer dus.

Toen we weer thuis in de tuin kwamen, waren daar ook de mensen die de moestuin exploiteren. Zij wisten meer van vijvers en vissen. Je kan de vissen niet zómaar in een vreemde vijver gooien. Ontzettend leuk om te merken hoe het contact en de conversatie tussen jong en oud verloopt (ofschoon ik ook al aardig oud ben, maar wij hebben een enigszins bijzondere vorm van communiceren).

Vorige week is de rechterhelft (van huis uit gezien) van de notenboom gesnoeid. Zo’n 20 jaar geleden is dat ook al eens gebeurd. Toen met een hoogwerker, nu met twee klimmende mannen. De takken werden op het voorerf versnipperd, hetgeen een verschrikkelijk lawaai maakte (ik was gelukkig grotendeels niet thuis). Je kunt nu weer onder de boom doorkijken en –lopen. De tweede helft zal binnenkort onder handen genomen worden. Dus nog een dag/middag met veel lawaai van de versnipperaar.

Laatste bericht: de moestuinmensen gaan op verlof (14 dagen). De spinazie en sla die eetklaar gegroeid is, mag door mij, of via mij door anderen, geplukt en gegeten worden.

Wie zin heeft: kom plukken!

Marianne


Column april

Was het tijdens de column van maart alsmaar slecht weer, nu is het almaar prachtig, warm en droog en binnenkort regen. Allemaal goed voor ons en de tuinen.

Ik heb een nieuwe baan aangenomen!

Begin februari vroeg Youssef (een Syrische jongen, 13 jaar, groep 7 basisschool) mij of ik hem wilde helpen met taal en rekenen. (Hij wil nl. naar de Mavo/Havo en daar is hij nu niet voor geïndiceerd). Dat wilde ik wel. Van lieverlee is dat omgezet in een gouvernantecontract hier ter plaatse en voor hem in een arbeidscontract .

Ik ben de gouvernante, die hem allerlei dingen bijbrengt en aanleert en hij/wij verrichten werk in tuin en soms huis (eten koken!!) en hij wordt daarvoor betaald. Dat betekent dat hij op schooldagen hier is van 15.00 – 20.00 uur en op niet-schooldagen van 10.00 – 18.00/19.00 uur. Er zijn dagen dat ik elders afspraken heb, dan zijn wij beiden “vrij”. Het komt nu goed uit dat ik niet zo uithuizig was/ben. Het is heel plezierig, (verbazingwekkend eigenlijk, gezien zijn leeftijd) dat hij zo ontzettend handig, concenscieus en verstandig is. Af en toe heeft hij ook puberbuien(!), maar we mogen elkaar heel graag. En ik heb dit eerder gedaan. Toen mijn kinderen kleuters waren, heb ik een tiental jaren als opvanggezin gefungeerd voor jongeren.

Nu nog even over Bronkhorst en vooral over de bijzondere bewegingen in de Onderstraat! Om op de hoek (nr. 2) te beginnen: de buitenruimte geeft een totaal ander, overzichtelijker beeld. Nr. 4 straalt een soort kalme rust uit. De bewoonster lijkt haar plek te hebben.

Dat is op nr. 1 nog niet het geval. Daar is verschrikkelijk hard en luid gewerkt de afgelopen maand(en?). Nu heb ik de nieuwe bewoner de hand mogen schudden en woont hij er (of misschien nog tijdelijk). Ook op nr. 3 wonen nieuwe mensen, maar daar straalt eveneens een kalmte van uit.

Het bovenstaande overlezende, zou men kunnen concluderen dat ik vooral van kalmte houd. Dat is echter niet persé zo. Ik heb met grote bewondering gekeken en geluisterd naar de werkzaamheden die op nr. 1 werden uitgevoerd. De perfecte timing met het af- en aanvoeren van materialen, de radio(?) die maar één dag echt hard aanstond en de omgeving die volkomen schoon bleef.

En dan is er ook nog beweging van nr. 12. Dat loopt soms voor huis langs als de, bij nr. 6 opgeslagen spullen, naar nr. 12 vervoerd worden.

Worden wij, langstwonende, allochtone bewoners, hier zenuwachtig van? Nee, dat worden wij niet!

Marianne

Column maart/ vervolg op februari

Omdat het zulk slecht weer is en ik verder niet veel kan doen, heb ik besloten om het vervolg van de column van februari te schrijven. Dan is het maar afgerond en kan ik het uit mijn hoofd zetten.

Nadat het huis weer schoongemaakt en enigszins opgeknapt was, zette ik een (landelijke) advertentie voor de verhuur. Daar kwamen een aantal reacties op. Onder andere van vier vrouwen. Die laatsten zijn als eersten naar het huis en tuin komen kijken. Ze vonden het wel wat. Na twee weken kwamen zij opnieuw. Ik heb het beeld nog voor ogen: het was mooi weer, we zaten aan de tuintafel achter en waren het snel eens over de prijs, de bijkomende zaken, het deel van de tuin dat tot het hunne behoorde en de dag waarop zij het in gebruik zouden nemen. Zij hebben er 10 jaar gewoond. Eerst met vier, na twee jaar met twee. Na nog een jaar bleef er slechts één vrouw over, maar gelukkig vond zij al snel een geliefde en hebben zij nog zo’n 6 jaar in het voorhuis samen gewoond. Met een aantal poezen en konijnen.

Zo langzamerhand had ik het plan opgevat om de ruimte aan de voorkant over de gehele breedte opnieuw als winkel te gaan verhuren en de rest van het voorhuis om te bouwen tot een B&B. Vijf kamers met badkamer (4 boven en 1 beneden) en de ontbijtkamer in de voormalige schuur. Dat had wel wat voeten in aarde en heeft ook nog weer een rechtszaak opgeleverd, maar tenslotte was in augustus ’97 alles gereed en kon de opening van “Huis de vier linden” plaatsvinden.

De winkel heeft een aantal huurders gehad zoals Bam, een kinderkledingzaak, een bloemen- en keramiekwinkel en tenslotte Bronkhorst DownTown, die er tot op heden is. De bloemenwinkel heeft ook nog wat problemen opgeleverd: in die tijd zijn de huisnummers 8a en 8b ontstaan.

Intussen werkte ik reeds enige jaren als docent Pedagogiek bij het Apeldoorns College (later Aventus) en ben dat blijven doen tot mijn pensionering in 2009. Pensionering was toen nog op 65-jarige leeftijd! Ik heb dus zo’n 12 jaar een dubbele baan gehad. Onderwijs in Apeldoorn en het eigen bedrijf in Bronkhorst. In 2005 kwam een echtpaar het voorerf gebruiken als terras. Na 2 jaar heeft mijn dochter dat voortgezet en samen met mij het BenB beheerd. Er waren veel scholieren uit Steenderen die hier in die jaren een baantje hadden. Tenslotte werd in 2009 bepaald dat mijn dochter het bedrijf niet wilde overnemen, is met De Gouden Leeuw een huurcontract overeen gekomen, heb ik voor een maand in een familiehuis in Frankrijk gehuurd en iedereen die het wilde horen uitgenodigd om daar met mij vakantie te vieren. Daar is door 25 mensen gehoor aan gegeven!

En toen begon mijn nieuwe, niet-werkende leven. Ik geloof dat ik er nog steeds niet helemaal aan gewend ben??

De tuin is heel lang mijn lust en leven geweest. Dwz ik besteedde er veel tijd aan en meestal met plezier. Als het goed is, komen er nu twee mensen (een man en een vrouw, maar geen man-en-vrouw) een groot deel van de tuin als moestuin gebruiken. Daar ben ik erg blij mee. Dan kan ik de voortuin mooi houden.

Ik heb ook heel wat cursussen gevolgd: keramiek, schrijven, 2 jr. rechten (OU), fotograferen, filosofie, kunstgeschiedenis, een Powercursus en driemaal een tweedaagse cursus over de Griekse Oudheid. Sinds twee jaar ben ik lid van de studiekring Zutphen en van de Gloedpraters. Maar dan hebben we het ook over een periode van 10 jaar!

En hoe gaat het nu met de rest van het huis? Ik durf het haast niet op te schrijven want misschien is het de goden verzoeken.

Maar dan toch…..

Voorin bevindt zich dus de winkel Bronkhorst Down Town. Dat loopt allemaal vanzelf. Ik hoef me nergens mee te bemoeien of me druk over te maken.

Dan de BenB-kamers en omgeving. Die worden gehuurd en bijgehouden door De Gouden Leeuw. Dat loopt niet helemaal vanzelf, maar gaat steeds beter.

En sinds kort is de schuur, die eerst ontbijtkamer en daarna hobbyruimte was, omgezet tot een zeepwinkeltje.

Nog een kleine toegift:

In de loop van de jaren (zo ongeveer na mijn secretaressebestaan), heb ik tot twee keer toe een seizoen in de horeca gewerkt, samen met een toenmalige partner. Deze maand kreeg ik van de Horecabond een schrijven waarin mij € 891,= werd beloofd (en ze hebben dat ook op mijn rekening gestort). Dit was een afkoopsom van het pensioen waar ik recht op had.

Nu heb ik in mijn leven wel vaker in de horeca gewerkt, maar dat was beslist heel lang geleden. Dit moet dus ongeveer van 30 jaar geleden zijn. Het maakte me wel nieuwsgierig, waar dit dan van is. Misschien ga ik er nog achterheen.

Marianne

Maart 2019

Column februari 2019

Op 1 februari jl. ontving ik een brief van de belastingdienst, betreft: Aangifte doen voor de inkomstenbelasting. Vier dikgedrukte koppen als vraag, antwoord eronder.

Tweede kop: Aangifte inkomstenbelasting als ondernemer?

Antwoord: dan kan u de aangifte-app niet gebruiken.

En toen namen mijn gedachten een lange vlucht achterwaarts.

Ik was en ben namelijk ondernemer, al sinds mijn komst hier in Bronkhorst.

Begin 1984 kwam ik met Jaap (en Maaike op afstand) in Bronkhorst wonen, Onderstraat 8.

Bronkhorst en omgeving waren mij zeer vertrouwd en dierbaar ivm de woonplek van mijn grootouders en familie in Hazerswoudedorp (weilanden, water, molen), waar ik als kind zeer vaak logeerde. Ik wilde me in het aangekochte pand als zelfstandig ondernemer vestigen. De winkel, van oorsprong bakkerswinkel, besloeg de linkerhelft van de ruimte nu. Ik had voor ogen een winkeltje dat zich zou richten op de vele toeristen.

Mijn buurmeisje verrichtte de opening en er werd tegelijkertijd buurt gemaakt.

Een bijzonder begin. De winkel was vol en er werd niet(s) verkocht!

Dat laatste gebeurde vaker, zo niet héél vaak. Ik kon niet verkopen! Ik was/ben geen winkelondernemer. Dus ging ik weer buiten de deur werken, als secretaresse, waar ik zo’n hekel aan had. Ik deed dat via een uitzendbureau o.a. in Zutphen, Deventer en Doetinchem.

Er kwam een kunstzinnige vrouw met een jong kindje langs. Zij wilde graag de winkel beheren en in het achterhuis (bakkerij) wonen. Dat heeft ongeveer één jaar geduurd. Daarna heeft zij nog enige tijd op ’t Hof gewoond.

Omdat ik mezelf als (winkel)ondernemer ernstig was tegengevallen en ik niet geloofde dat daar ooit verandering in zou komen, zijn wij in het achterhuis gaan wonen. Een prachtige plek met ruime woonkamer/keuken en boven drie slaapkamers.

Het voorhuis werd per kamer verhuurd aan 3 jongemannen.

Vervolgens kwam er een echtpaar met zoontje (6). Zij wilden de winkel en het voorhuis huren. De man deed van alles met hout: vloeren leggen, meubels maken e.d. Ook zij hebben er ongeveer één jaar gewoond. Betaalden de huur niet, hielden kippen en een hond in het huis en moesten tenslotte uitgezet worden door een vonnis van de Rechtbank.

’s Morgens vroeg vond de uitzetting plaats. Alle huisraad e.d. op straat. Het was de eerste dag van de Kermis! Ik vond het een verschrikkelijke situatie. Voor hen en voor mij!

Omstreeks het middaguur kwam de burgemeester met de vraag, wanneer de spullen weggehaald zouden worden. Dat moest vóór zonsondergang.

Ik had tijdens de gehele rechtszaak veel gehoord en gelezen. Dit echter was totaal nieuw!

Gelukkig hebben mijn dochter, haar vriend en zijn vrienden zorg gedragen voor het doen verdwijnen van de spullen.

Er valt nog veel meer te vertellen over dit huis en zijn tijdelijke en blijvende bewoners.

Maar daarover misschien een andere keer.

Marianne

Column Januari 2019


De bloedrode maan.

Dit is een totale maansverduistering die plaatsvindt doordat, van de maan af gezien, de aarde precies voor de zon schuift. En het bloedrode wordt veroorzaakt door +/- dezelfde omstandigheid als de prachtige “rode” zon bij zonsondergang, waar ik het in november over had.

Gehoord op radio/tv, gelezen in de krant dat er deze nacht (20-21 jan.) een bloedrode maan te zien zal zijn, omdat de aarde tussen de maan en de zon komt te staan en het een heldere nacht zal zijn. Hoogtepunt om 6 uur.

Voordat ik naar bed ging, heb ik buiten in de tuin nog even naar de maan gekeken. De lucht was helder en de maan felwit. Vanuit mijn slaapkamer boven, heb ik door het raam op het westen, naar buiten gekeken. Daar was niets door te zien, omdat het raam dik bevroren was. Ik ben rustig gaan slapen.

Precies om 6 uur, de tijd dat de rode maan te zien zou zijn, werd ik wakker. Klaarwakker.

Dit was een bijzonder teken, vond ik.

Pantoffelschoenen aan + lange badjas. Naar beneden, naar buiten. Eerst aan de achterkant. Pikkedonker, niets te zien in de lucht.

Toen naar de voorkant……..een overweldigende hoeveelheid licht. Niet in de lucht, maar op twintig passen afstand. De Gouden Leeuw opgetuigd met honderden, zo niet duizend lichtjes.

Met verbazing heb ik daar enige tijd naar staan kijken. Toen draaide ik me om, liep naar huis en weer naar bed.

Ik stond wat later op dan gewoonlijk. Een stralende zon en een lichte, witte wereld. Rijp op de takken. Dat is extra mooi bij de afhangende takken (takjes) van de berkenboom.

Voor het ene raam hangt een witte, berijpte “draad” in de wind heen en weer te waaien. De draad loopt van de dakgoot naar de vensterbank, waar hij op wonderlijke wijze aan vastzit.

Hij zit zo vol met rijp, dat het een soort dikke, witwollen draad lijkt.

Een ander raam laat een prachtig berijpt spinnenweb zien.

Ik schreef al eens over mijn uitzicht (ik zie nu dat dat nog maar kort geleden was, nl. in november. Nou ja, het spijt me!).

Zojuist stuurde mijn oudste kleindochter een appje: “Nou oma, je kan dus een opleiding tot heks gaan volgen. Iets voor jou?” Met een lachebekje er bij en een website.

Haar zus stuurde: “Leuk oma! Mam, doe jij ook gelijk mee? ? ?

Ik heb de site bekeken: ziet er leuk uit. Maar het is in Limburg!!

Marianne


Column december

Het was een drukke tijd vanaf eind november. We hebben elkaar op verschillende momenten en om verschillende redenen ontmoet of kunnen ontmoeten.

Ik zal het in volgorde van plaatsvinden bespreken.

De vergadering van de Schutterij op 30 november jl.

Zoals altijd goed bezet, vooral door de trouwe bezoekers.

De penningmeester heeft ons de meeste, zo niet alle uitgaven voorgelezen.

Daarna werd, nu officieel, gemeld dat het Koningszilver teruggevonden is en dat wij dat weer terug zullen “kopen”.

Bij de rondvraag heb ik het trommelen tijdens de Kermis aan de orde gesteld. Het zou fijn zijn als dat op een wat hoger uitvoeringsplan gebracht kan worden. Eventueel in vereenvoudigde vorm.

Op 7 december was er buurtmaken in de Onderstraat. Altijd leuk om als buurt bij elkaar te komen en verwend te worden.

Op 12 december was er een avond over het visieplan.

Een werkgroep van de BSB is in de afgelopen maanden (twee aan twee) bij alle bewoners langs geweest om vragen te stellen over het wel en wee van Bronkhorst en de richting die het volgens de ondervraagden uit zou kunnen/moeten. Naar aanleiding van die bevindingen en ideeën zijn 6 hoofdonderwerpen op papier gezet met daaronder de meest genoemde punten per onderwerp.

Er waren op 12 december veel bewoners (volgens mij zo’n 35 mensen). Er waren ook zes tafels met een gespreksleider. Per tafel kon je praten over het bepaalde onderwerp. Dat duurde ongeveer een kwartier. Een goede en prettig geregelde ïnformatie-avond.

Hierna gaat het bestuur verder met het verwerken van de informatie en zal het visieplan ter vaststelling worden voorgelegd.

Toen waren er ook nog de Dickensdagen op 15 en 16 december.

Nu voor het eerst zonder Sjef of Alie de Jong, degenen die dit 29 jaar geleden startten.

Op zaterdagavond konden we in de kapel genieten van Glühwein. (Dat werd aangekondigd, maar het werd wijn e.d.) Er zong een prachtig gekleed vrouwenkoor voor ons en Ruud kwam rond met oliebollen!

En als klap op de vuurpijl (mag dat nog?) is er op Oudjaarsavond/Nieuwjaarsmorgen rond 12 uur ‘s nachts een bijeenkomst in de kapel. Iedereen is van harte welkom met medebrenging van gasten, drank en hapjes. We kunnen elkaar een goed Nieuwjaar toewensen (maar zullen er vanzelfsprekend grotendeels zelf voor moeten zorgen dat het ook goed wordt).

Marianne

Column november

Wat was het prachtig, zonnig weer de eerste helft van november. Ik vind zelf dat ik een geweldig uitzicht heb vanuit de brede achterkant van het huis, waar ik in de oorspronkelijke bakkerij woon.

Ik zit meestal aan de oostkant van de kamer, waar zich een lang kastjesblok bevindt met een uitsparing voor de gaskachel. Dus lekker warm op de gaskachel en zicht op het zuiden.

En het zuiden heeft het verste uitzicht: de wei, het volgende veld, de wilgen van de Molenweg, nog een veld, een rij bomen en daar onderdoor nog een veld.

Als de wilgen rechts langs de wei kaal zijn, kan ik de molen van Rha zien. Weliswaar vooral de bovenkant, maar daaraan kan je nou juist zien dat het een molen is.

Overigens kan ik ook “onze Bronkhorster molen” zien als de bomen langs de Molenweg hun blad hebben laten vallen. Een prachtig weids uitzicht dus.

Maar de eerste weken van november heeft het weer en de natuur ervoor gezorgd dat het wel uitzonderlijk mooi was. Aan het eind van de middag stond de zon met die speciale najaarsgloed precies op de heg/afscheiding van het laatste huis/tuin aan de Boterstraat. Dit jaar en in die twee weken had de heg, die misschien 30 of 40 mtr. lang is, drie verschillende tinten. Van geel , naar oranje-achtig naar warm bruin. De eerste wilg in de wei (de enige die nog veel blad had) deed daar nog een schepje bovenop met zijn kleuren.

En dan verdween de zon steeds verder achter de bomen en liet van het zuiden naar het westen grote, horizontale vlakken in de lucht zien in donkerblauw, vlammend rood en lichtblauw.

Ik ben me ervan bewust dat mijn schrijfstijl niet helemaal toereikend is om dit soort subtiele en “poëtische” situaties te verwoorden. Maar soms moet je het er mee doen!

Sinds de vorige column heb ik (meer voor de grap, want ik veronderstelde al dat er geen papieren reactie zou komen) dagelijks in mijn brievenbus gekeken. Het wás voor de grap, want er lagen inderdaad geen aanmeldingsbriefjes in. Ook niet van een “docent”. Was dat laatste wel het geval geweest, dan had ik EEN PRIVEDOCENT GEHAD.

Ik ben benieuwd of de bespreking van het visieplan iets op zal leveren aan gezamenlijke activiteiten (wekelijkse of maandelijks).

Activiteiten die ik ken en waar ik aan meedoe/heb gedaan

Eetgroep 2015 tot heden: 5 personen (uit Bronkhorst) 1x per 6 weken bij iemand thuis

Eetgroep 2012 6 pers. (uit Bronkhorst) 1x p. m. bij iemand thuis (opgeheven)

Vrouwencafé 2001 -2002 1x per maand, woensdagavond (opgeheven).

Terwijl ik geprobeerd heb dit schemaatje in een overzichtelijke geheel te zetten, vraag ik me af óf en zo ja, waarom het nodig is/zou zijn dat er gezamenlijke activiteiten en contactmomenten zijn. En of dat dan zo speciaal hier in Bronkhorst moet. Zouden deze zaken naar voren komen in het visieplan? Je hoort natuurlijk op radio en tv wel heel veel geluiden over de ouder wordende mens voor wie bezigheden en contacten heel belangrijk zijn. Geldt dat ook voor de iets jongere mensen die de afgelopen jaren in Bronkhorst zijn komen wonen?

Marianne


Column oktober

Op zondagavond 14 oktober zag ik, een soort bij toeval, twee belangwekkende uitzendingen achter elkaar op NPO2.

Dat gebeurt mij niet vaak. Ik kijk elke avond wel even tv en uitzendingen van Brandpunt, Tegenlicht, Human e.d. interesseren mij in principe. Het programma Boeken kan ik niet meer omarmen sinds Wim Brands deze plaats heeft vrijgemaakt voor andere presentatoren. Ik vind het ook wat moeilijk om de nieuwe entourage en aanpak van Buitenhof te waarderen. Netflix is (nog?) niet aan mij besteed! Soms vind ik de doorlopende zender NPO Politiek tamelijk tot zeer interessant.

Maar nu zondagavond 14 oktober: het begon om 19.20 uur met de uitzending van de NOS: “Er reed een trein naar Sobibor”. Een herhaling van het laatste optreden van Jules Schelvis met het Nationaal Symfonisch Kamerorkest. In tien korte hoofdstukken, sober maar uitermate beeldend beschreven, las de toen 84-jarige Schelvis het verslag van de treinreis naar Sobibor. Dit werd afgewisseld met prachtige klassieke werken, gespeeld en gezongen door het Kamerorkest.

Jules Schelvis overleed in 1916 op 95-jarige leeftijd. Een bewonderingswaardig mens.

Ik was erg onder de indruk van deze uitzending, die ik niet eerder zag. De kwetsbaarheid van deze man die vooral te maken had met zijn leeftijd. Het verslag dat zo’n diepe indruk maakte omdat je je realiseerde dat deze onvoorstelbare dingen werkelijk hebben plaats gevonden. Dat mensen dat met mensen doen. Degene die dit allemaal heeft ondergaan en daarna heeft genoteerd, stond daar.

Direct daaropvolgend een uitzending van VPRO Tegenlicht over Boyan Slat: Boyan Slat op plasticjacht. Deze jonge (24) student/uitvinder/oprichter/ondernemer/CEO van zijn eigen bedrijf Ocean Clean Up waarvoor hij 2.2. milj. wist op te halen, heeft al diverse prijzen in de wacht gesleept; waaronder: Europeaan van het jaar, Nederlander van het jaar e.d.

Hoe zal dit verder gaan? De titel van het artikel dat in de VPRO-gids daarover stond, luidde:

Linke plasticsoep. Het nut van zijn project blijft onderbelicht. De plastic producerende sector moet het probleem zelf bij de bron gaan aanpakken, want dat is veel efficiënter.

Ik ben zeer benieuwd.

En dan komt langzamerhand de herfst en winter er aan. Andere tijden!


Enige tijd geleden bedacht ik dat ik wel graag met stads-/leeftijdsgenoten (of jonger of ouder) een aantal zaken op telefoon/laptop/i-pad wil leren, uitproberen.

Ik zie het voor me: een aantal mensen zit aan de lange tafel hier, even gezellig kletsen bij een kopje koffie/thee en dan aan het werk met de vragen, problemen die van tevoren zijn ingebracht.

Is dat een idee voor de winter? Bijvoorbeeld eens in de maand/week/14 dagen?

Als je het wat vindt, doe dan een briefje met naam, emailadres/tel. nr. in mijn brievenbus.

Ook degenen die perfect met bovengenoemde apparaten om kunnen gaan en het leuk vinden om daar anderen in te onderwijzen/wegwijs te maken, verzoek ik een briefje in de brievenbus te doen met als extra de mededeling: docent.


Ik vraag me af of de voorgaande alinea een vervolg/reacties zal krijgen. Ik denk het niet, maar zou het erg leuk en bijzonder vinden als het wél zo is!

Marianne

Column september

Ik schrijf deze column aan het einde van de dag die zich opnieuw van zijn beste warme en zonnige kant heeft laten zien. Een prachtige nazomerdag, na een oververhitte zomer.

Ik had er wat last van, van die oververhitte zomer. Pas halverwege, toen ik me duidelijk niet meer zo goed voelde en dat aan iemand vertelde, kreeg ik de vraag of ik wel voldoende water dronk en zout gebruikte. Nee dus. Het heeft me wat tijd gekost: het aanleren van de regelmaat om glazen water te drinken en zout te gebruiken. Dat laatste deed ik door in een klein bakje wat zout te doen, dit af en toe aan een natte vinger te plakken en dan te consumeren. Smaakte niet slecht!!

Nu ik dit schrijf, bedenk ik me dat de gewoonten van een hoeveelheid water drinken en zout gebruiken nog niet echt ingesleten zijn. De afgelopen dagen heb ik beide ingrediënten maar weinig gebruikt. Hoe kan je zoiets tot een vaste gewoonte maken?

Mijn beide kleindochters zijn deze vakantie een aantal malen hier geweest. Beiden om wat bij te verdienen. De een door wat handig werk in de tuin te doen (op een mooie dag) en op een andere dag de schuine kasten op de slaapkamers boven, samen met mij leeg te ruimen (grotendeels) en in haar eentje die kasten met de stofzuiger te bewerken. De stofzuiger raakte erdoor verstopt en we hebben veel plezier gehad met het slim verwijderen van

de verstopping.

De andere kleindochter was al bezig met het via internet aan de man/vrouw brengen van de cliché’s (om af te drukken) die in die schuine kasten stonden. Ze nam de cliché’s mee naar huis. De drukpers die al 30 jaar in de kelder stond, is tenslotte verkocht en opgehaald.

Waarom schrijf ik dit over mijn kleindochters? En wat heeft dit te maken met water en zout?

Antwoord op de eerste vraag: ik vind het altijd leuk als mijn kleindochters komen. We hebben veel plezier met elkaar. En voor hen is een centje bijverdienen welkom.

Toen ik zo’n 10 jaar geleden nog zelf het B&B bedrijf en terras runde, vond mijn oudste kleindochter het heel leuk om aan het eind van de dag de kas op te maken.

Maar wat heeft dit nou te maken met water (en zout)?

Terwijl ik dit schrijf heb ik op mijn netvlies het plaatje van mijn kleindochters toen ze hier waren. En dus zie ik bij beiden ook het flesje dat nooit ver van ze verwijderd is en waar ze op gezette tijden (om de tien minuten ongeveer) de dop afschroeven, een of twee slokken drinken, dop er weer op. Ze beweerden dat er water in die flesjes zat. En ik geloof ze!!

En wat betreft het zout? Ze eten niet zoutloos, zoals ik meestal.

Marianne

P.S. De notenboom laat nu zijn noten vallen. Als je zin hebt, neem een emmertje mee en rááp.



Column augustus

  • Ik heb een laptop, een IPad, een mobiele telefoon ( IPhone die al enige jaren oud is) en ik maak van al deze                             wondermachines gebruik.
  • Ik “zit” niet op Facebook of andere sociale media en met reden.
  • Ik maak wel gebruik van WhatsApp; vooral de groep die bestaat uit dochter, kleindochters en mijzelf, vind ik erg leuk en            zinvol
  • Ik heb er een verschrikkelijke hekel aan als er (tegenwoordig vaak dwingend) gevraagd wordt of ik akkoord ga met                  cookies. Nog erger vind ik het als ik iets opzoek op internet en er de volgende dag een aantal voor mij totaal overbodige e-      mails tevoorschijn ploppen (reclame/SPAM/sexuele aanbevelingen e.d.). Bij dat laatste kunt u zich afvragen wat ik dan op        internet opzocht, maar de relatie is mij vaak, zo niet nooit duidelijk.  


Ik zag zondag 12 augustus het programma Zomergasten. Deze keer met Marleen Stikker, sinds 1990 directeur van de Waag Society te Amsterdam. Ofschoon ik lang niet alles begreep, werd mij wel duidelijk dat de Waag een soort tegenhanger vormt van Silicon Valley (voor zover je beide al zou kunnen vergelijken). Bij de Waag Society worden bijvoorbeeld. nieuwe en gratis mediatoepassingen ontwikkeld voor onder andere zorg, cultuur en onderwijs. Men zal daar niet rijk van worden zoals in Silicon Valley. Het is een open source technologie, waar iedereen gebruik van mag maken, maar niemand heeft het in bezit. 


De reden dat ik hierover deze column wil schrijven, is nog een andere. Toen het gebruik van de sociale media ter sprake kwam en vooral de wijze van reageren op elkaar, kwam David Bohm, natuurkundige en filosoof, aan het woord. Hij stelt dat er in de echte dialoog (wat bij de sociale media in een razend tempo gaat) te weinig aandacht is voor het denkproces. Ons denken is niet neutraal (evenals de technologie). In een gesprek of discussie (social media) gaat het vaak om het bevestigen van de eigen mening, het gelijk hebben.


Je/het wordt interessanter als je dat loslaat. Als het een samen-denken wordt. Een goede en belangrijke regel daarvoor is het herhalen wat de vorige spreker zei, in plaats van er vooral aan te denken wat je zal antwoorden. In eerste instantie zal je misschien met een lichte paniek merken dat je eigenlijk niet echt geluisterd hebt. Maar als je je deze methode eigen maakt, zal je merken dat er een echt gesprek tot stand kan komen. Zelfs bij verschillen van mening.


Nu dacht ik dat ik door de studie Sociaal Pedagogiek, die toch vooral gericht is op de ander, enigszins getraind was in bovengenoemde richting, maar ik merk dat het herhalen van wat de ander heeft gezegd, zeker nog niet vlekkeloos gaat. En vooral als er verschil van mening is, of als er tegengestelde meningen/zienswijzen/belangen zijn, is daar toch enige oefening voor nodig….

Dit is wel een soort technische column geworden. De uitzending van Zomergasten met Marleen Stikker heeft me daartoe geïnspireerd. Het is misschien de moeite waard om de richtlijnen van David Bohm in praktijk te brengen.

Marianne


Column Juli 2018
Bella Bronkhorst en Bach
Dat is een mooi alliteratie, maar dat niet alleen.
Het Bella Bronkhorst gebeuren vond voor de 2e maal in de geschiedenis plaats.
Het Bachconcert voor de 3e maal dit jaar. Er waren veel mensen op die zonovergoten, prachtige dag in de boomgaard van Frans. Alle meegebrachte etenswaren en dranken werden op de tafels onder de luifel gezet, men schepte zich wat op, schonk zich wat in en zette zich aan de de lange, zeer lange eettafel. Ik was met opzet wat in het midden van die tafel gaan zitten. Toen ik links en rechts over de tafel keek, aan deze en gene zijde, zag ik allemaal bekende gezichten. Dat gaf me een heel speciaal gevoel. “Met deze mensen woon ik dus in dit stadje (inclusief de buitengebieden). Ik (her)ken ze allemaal.”
Zelfs, of misschien wel juist, degenen die hier nog maar pas wonen en zelfs, zelfs degene die hier al wel een huis heeft gekocht, maar er nog moet komen wonen, woonden deze bijeenkomst bij. Een bijzondere introductie, dunkt mij.
Niets officieels vond plaats, behalve het korte woordje van Dorien en dat van Frans.
Er was een grote keuze aan eten en drinken. Iedereen vond wel iets naar smaak. Hartig, zoet, vlees, vegetarisch, salades, toetjes en alle flessen en flesjes met drank.
Ik ben niet zozeer een mens van grote gezelschappen, maar dit vond ik een bijzonder, hartverwarmend, verbindend fenomeen.

De dag daarna het 3e en laatste Bachconcert van dit seizoen in de kapel. Orgel en viool.
Hoe bijzonder is het, opnieuw, om uit je huis naar de kapel te lopen en daar een zo intiem concert bij te wonen.
Er was deze keer een pauze. Het Wapen was nog open, maar ik liep even naar huis en dronk een kopje koffie.
We waren hier met wat minder mensen uit Bronkhorst, namelijk 3. Het was dan ook een totaal ander gebeuren dat de dag ervoor.

En dan nog een punt dat ons misschien allemaal wel bezighoudt:
Het wel en wee van Bronkhorst met betrekking tot de verkoop van huizen en (her)gebruik. Dan is vooral het huis van Frans van belang. Gelegen naast de Gouden Leeuw en met een bijzondere binnen- en vooral ook buitenruimte!
Daarover heeft hij iets gezegd tijdens Bella Bronkhorst. Hij zou aan nieuwe eigenaren vragen om de tuin te behouden als locatie voor Bella Bronkhorst.
Marianne

Column juni

De nieuwe zit- /lees-/praatplek.

Die was op het voorerf al snel gerealiseerd. De losliggende stenen netjes opgestapeld onder de haagbeukjes bij de grote schuur/straks winkeltje. De overige, wat rommelige stenen zo netjes mogelijk tegen de pas gecarboleumde schutting tussen Klaas en mij gelegd. De twee tafels op de goede afstand. De reeds 35-jaar oude stoel die altijd naast de voordeur stond met winterharde plantjes er op, gepromoveerd tot erestoel.

Dat was de basis.

Als ik er wilde zitten, pakte ik uit het prieeltje ernaast (ook al zo’n wonder) mijn regisseursstoeltje.

Dat kocht ik zo’n 5 jaar geleden voor € 5,-- bij Switch (Kringloop). En ik ging er zitten.

Elke ochtend of met de krant , maar vooral met de bijlage Letter en Geest (dat leest wat gemakkelijker), die ik van mijn buurman mee mag nemen.

Nu had ik me dit jaar vooral uitgesloofd met het zaaien, oppotten, verpotten en zelfs kopen van kruiden. Die stonden allemaal aan de achterkant, tegen het huis onder de notenboom.

Allengs (dat vind ik een prachtig ouderwets woord), kreeg de notenboom meer blad en de achterkant van het huis meer schaduw. Voor de meeste kruiden is dat niet goed, behalve voor de muntsoorten.

Ik verhuisde de kruiden, die ik zelfs in aanwezige overpotjes en potten had gezet, naar de voorkant.

Daar staan ze nu, in een rechte hoek om het terras.

Afgelopen zondag kwam Anne koffie drinken. We hebben weer op het voorterrasje gezeten.

Zij op de erestoel, belegd met kussens.

Ik was er langzamerhand al wat aan gewend, maar zij verbaasde zich erover dat je iedereen langs zag komen. Toerist na toerist, auto na auto, motor na motor, fiets na fiets (het was nog steeds prachtig weer). En wat een drukte dat was.

We bedachten dat we op deze wijze onderzoek zouden kunnen doen naar geschatte sekse en leeftijd van de toeristen, naar het aantal vervoersmiddelen, naar groepsvorming, kindertal enz. enz.

Nu ook deze column wat ten einde loopt, wil ik nog een bekentenis doen. Bij het leeghalen van de grote schuur tbv het zeepwinkeltje, kwam ik er achter dat voor mij aan veel, zo niet aan praktisch alle voorwerpen een herinnering met een verhaal, gebeurtenis, gevoel vastzit. Ook in deze column staan minstens vijf voorwerpen waarbij dat het geval is. Is dat vreemd? Een eigenaardigheid?

Tot slot: mijn dochter en ik gaan weer naar Oerol. We vertrekken donderdag a.s. zeer vroeg en komen ’s avonds laat op maandag 25 juni weer terug.

Ik wens eenieder eveneens een zeer goede tijd toe.

We zien elkaar hopelijk allemaal bij Bella Bronkhorst op 30 juni!

Marianne

Mei 2018

De lantaarnpaal is weg!

Opgehaald, dat wil zeggen: uitgegraven en op een aanhanger gelegd. Dat ging allemaal niet vanzelf. Sinds enkele maanden wist ik dat ik deze paal (ruim 4 mtr lang en lood-, nee, gietijzer-zwaar) niet meer op het voorerf wilde. Ik had hem daar ook niet zelf neer laten zetten. Hij stond er bij de koop. Ik vertelde aan deze en genen dat ik hem kwijt wilde. Soms helpt dat. Deze keer niet zó. Ik belde verschillende oud-ijzer handelaren. Ja, ik kon hem brengen!?!

Toen kwamen vorige week de gemeentemensen om de bloembakken aan de andere lantaarnpalen te hangen. Zij hadden een lange aanhangwagen. Ik vroeg hen of zij een oplossing wisten voor míjn lantaarnpaal. “Maak een mooie foto en zet hem op Marktplaats”, was hun advies. En ze voegden er aan toe: “Ze zullen in de rij staan om hem mee te mogen nemen”.

Diezelfde dag kwam mijn oudste kleindochter hier om de auto twee dagen mee te nemen. Zij wilde de paal wel op Marktplaats zetten. Ze had toch nog een account! Foto gemaakt en daar ging ze.

Twee dagen daarna belde ze om te vertellen dat er al heel wat bezoekers waren geweest.

Eén man had gebeld. Hij wilde hem waarschijnlijk wel hebben, moest even bekijken wanneer hij dat kon doen (woonde in het midden van het land). Weer twee dagen later belde ze: de man kon op dinsdagavond om zeven uur.

Dat was nu net de dag dat mijn dochter ’s avonds haar auto bij de garage in Baak zou brengen voor een APK keuring . Ik zou haar ophalen en daarna zou ze mijn auto meenemen.

Aldus geschiedde. Wij waren even vóór zeven uur op het erf.

De man kwam aan. Niet groot, heel tenger, tamelijk jong, buitengewoon vriendelijk en aardig.

Hij vertelde dat hij een huis had op een groot terrein met een oprijlaan waar al twee lantaarnpalen langs stonden. Nu wilde hij graag nog een paal achter het huis, zodat hij niet met ledverlichting hoefde te werken. Hij was lovend over deze paal. Dacht dat hij hem er wel uit zou krijgen.

Ik gaf nog aan dat hij eventueel de overbuurman rechts om hulp zou kunnen vragen.

Maaike en ik hadden besloten dat we bij het Wapen zouden gaan eten. Asperges! We legden de man uit waar hij ons kon vinden (naast de kapel).

We hebben heerlijk gegeten en weer eens uitgebreid bij kunnen praten.

Voordat we aan het nagerecht begonnen, kwam de man naar ons toe. Vermoeid, enigszins bezweet, maar met een blij gezicht. Het was hem gelukt en hij was verheugd. Hij had het gat gevuld met zand en gladgestreken.

Ik vroeg hem of hij iets wilde drinken/eten. Nee, zei hij, ik zou u/jullie iets aan moeten bieden, maar ik moet naar huis. En daar ging hij.

Toen wij weer bij huis kwamen, wisten we dat paal weg was, maar we waren toch verbaasd over het effect dat dit had op het voorerf. En dat gevoel heb ik nog steeds.

Nu nog bekijken wat de nieuwe indeling gaat worden.

Marianne



Column April

Huizen en verhuizen

Ik beperk mij even tot de bijzondere weg door Bronkhorst (zie column jan. 2017) van de parkeerterreinen ten oosten tot de dijk ten westen.

In de afgelopen 2 á 3 jaren hebben er vele verhuizingen plaats gevonden. De huizencrisis is voorbij! Bronkhorst gaat mee in de vaart der volkeren.

En toen kwam er de afgelopen week een bord in de tuin van het huis bij de boom van Johanna. Een bijzonder huis, waar al ruim een halve eeuw bijzondere mensen woonden en wonen. In de voormalige schuur vond van oudsher het Kermisbegraven plaats. Die schuur is sinds jaren omgebouwd in het winkeltje “De olde Schuure”. De toeristen zitten op de bankjes, eten een ijsje en vermaken zich met de gevleugelde beesten in de wei.

Voor het eerst bracht een bord bij een huis een schok bij me teweeg en ik kan niet precies achterhalen wat de reden daarvan is. Een gevoel van verlies en ook weemoed, verbazing. Maar ook al iets van nieuwsgierigheid. Aan wie zal dat bijzondere huis verkocht worden? Wordt de schuur nog als winkeltje gebruikt? En zo ja, wat zal de aard van het winkeltje zijn? Komen/blijven er nog beesten in de wei?

Dat brengt me bij de vraag: “Als ook de zeer oud-gedienden gaan verdwijnen, wat blijft er dan over van de bijzondere, oude gewoonten en gebruiken?”

  • De Kermis, de eerste donderdag en vrijdag van september met daaraan voorafgaand het trommelen van de trommelaars precies om 19.00 uur (zie column aug. 2017)
  • De winterkostmaaltijd
  • Het Dickensweekend
  • De vergaderingen van BSB en Kermisvereniging (zie column dec. 2017)
  • Het buurtmaken (zie column maart 2017)

Laten we hopen dat ook alle nieuwe bewoners hieraan deel willen (blijven) nemen.

En dan bedenk ik dat er ook en juist door “bewoners van de middellange termijn” een aantal nieuwe initiatieven/activiteiten op touw zijn gezet:

  • Borrel op Koningsdag (27 april bij DGL 17.00 – 19.00 uur)
  • De Bella Bronkhorst maaltijd (dit jaar op 30 juni)
  • De concerten in de kapel (Bachmarathon op 1 juli)
  • De appelplukdag
  • De Nieuwjaarsbijeenkomst in de kapel (31 dec/1 jan om 24.00 uur)
  • Bijeenkomsten Noaberschap (de eerstvolgende op 25 mei 15.00 uur, Onderstraat 8)

Toen ik de afgelopen week over deze column nadacht en hem tenslotte op zondag 15 april schreef, zag ik ’s avonds het programma van Tegenlicht op de t.v.. Dat sloot hier wonderwel bij aan, zij het in een groter kader.

Marianne


Column maart met allemaal zaken die ik in het vorige jaar noemde en die zich nu verwezenlijken (of juist verdwijnen):

Ik noemde mijn wens dat ik zou kunnen samenwerken met iemand uit een (ver) buitenland.

Sinds 4 weken (meestal op zondag) is er een Syrische man (uit Aleppo), die met vrouw en kinderen, 3 jaar in Steenderen woont en samen met mij allerlei dingen in de tuin wil doen.

Wat hebben we tot nu toe gedaan?

Het grootste schuurtje is afgebroken en al het afval is naar het recycleplein gebracht. Het kleine schuurtje is op zeer handige wijze ingedeeld en er is aan de zuidkant een wand gemaakt van de, al die jaren bewaarde, oorspronkelijke schuurdeuren van 80 jaar geleden.

Aan de oostkant van het huis, precies op de hoek, is een nieuw schuurtje gemaakt van het hout dat aanwezig was. Daar komt nog een (plastic) dakje op en het geheel wordt met carboleum afgewerkt. Vervolgens zal in dat schuurtje de voorraad openhaardhout opgestapeld worden. De “man van haardhout” die de hele winter onder de lantaarnpaal heeft gelegen, verdwijnt ook. Hout in het hok. Ook de lantaarnpaal zelf moet verdwijnen. Ik weet nog niet goed hoe ik die kwijt kan raken. Het is een ruim 4 meter hoge (lantaarn)paal van gietijzer. En hij staat ook nog in een stevig betonblok. Als iemand een slim idee heeft: graag!

Vorig najaar heb ik van mijn 2 buurmannen de gesnoeide takken van hun lindebomen (4 stuks) naar mijn erf gesleept om de borders te bedekken. In de afgelopen tijd heb ik deze takken weer grotendeels uit de borders en paden gehaald en op een stapel gelegd. Omar (zo heet de Syrische man, hij is precies even oud als mijn zoon, 43) liet mij zien hoe ik die takken met een hakblok en bijl precies in de lengte kon hakken die ik wilde hebben. De kleine, dunne takjes leg ik op het looppad, in de hoop dat er niet teveel gras en andere plantjes zullen groeien, zodat ik niet om de haverklap hoef te schoffelen. Nu hak ik dus van de lindetakken het bovenste, dunne deel in stukken en verspreid dat over het pad. Ik moet zeggen dat er wel héél veel stukjes nodig zijn om er een redelijke bedekking van te maken. De dikkere onderste stukken gebruik ik om de composthopen van elkaar te scheiden en aan de voorkant af te zetten. Allemaal tamelijk arbeidsintensief, maar zo te zien niet slecht.

Ik vind het ontzettend leuk om samen met Omar in de tuin bezig te zijn. Ieder met zijn/haar eigen deel. Het viel Omar sinds de eerste dag op dat ik zo duidelijk spreek. Ik heb de opleiding NT2 docent gedaan (Tilburg, 2 jaar), maar vooral gedurende de laatste 6 jaar van mijn werkzame schoolleven, les gegeven aan buitenlandse mensen. Dan leer je niet alleen dat je langzaam en duidelijk moet spreken, maar vooral ook een zo eenvoudig mogelijke woordenschat en zo eenvoudig mogelijke zinnen moet gebruiken. Leuk om dat weer toe te passen.

Marianne

Wat bracht februari 2018 ons/mij?

In willekeurige volgorde:

De winterkostmaaltijd: zoveel mensen, van jong-inwonenden tot oudjes (waaronder ik mezelf ook reken, maar gelukkig wilde mijn mooie, jongste kleindochter ook van de partij zijn.

Bij het borreltje vooraf was er een constant geroezemoes van stemmen.

Vlak vóór mij zag ik de nieuwe bewoners van Onderstraat 2. Er waren zovelen die kennis met hen wilden maken, dat ik het slechts van korte afstand heb bekeken.

Bijzonder, en bijzonder welkom deze jonge mensen.

In het voorjaar komt er een extra vergadering van de Kermisvereniging in verband met het teruggevonden schutterszilver. Een kostenplaatje?

Ik was bij de winterkostmaaltijd dus samen met mijn kleindochter.

In de afgelopen weken ben ik 4x haar model geweest voor de oefening “watergolven”. Dus 4x heen en weer naar Apeldoorn en de krullers en pinnetjes in laten zetten volgens strikte regels/principes. Drogen, alle krullers en pinnetjes er weer uit. Het haar touperen, zodat er kussentjes op het hoofd gevormd worden en tenslotte in model kammen. Totale bewerking 1 ½ uur.

Nu weet ik hoe prinses Beatrix aan zo’n keurig kapsel komt.

Gelukkig kon mijn haar daarna gewassen worden en had ik weer een normaal hoofd. Behalve!! op de examendag. Er was na het examen, 19.00 uur ’s avonds, geen mogelijkheid meer om te wassen. Dus met zo’n hoofd naar huis. Gelukkig was het aardedonker.

Overigens heeft die laatste reis nog een bekeuring van € 140,-- opgeleverd, maar daarover misschien een andere keer.

En dan was er (weliswaar eind januari) een perfect georganiseerde vergadering van de Coöperatie BoeN. Het Zonnedak Holthuizen kan gerealiseerd worden. 51 Deelnemers hebben voor voldoende panelen ingeschreven (en reeds/binnenkort betaald). De vergadering werd gehouden in het kindcentrum De Pannevogel: een bijzondere en prettige locatie. Jaap Schwartz nam afscheid van BoeN. Hij is degene die, 10 jaar geleden, het initiatief nam en al die jaren is doorgegaan om het tot stand te brengen.

Nog een bijzonderheid, maar dan in het klein: deze maand heb ik de laatste twee containers op laten halen. Voorgoed! Ik had alleen nog een oud papier container. Dat papier verzamel ik in een doos en hoef dat slechts 3 x per jaar bij het afvalpark te lozen. Met het plastic deed ik dat al.

Het restafval verzamel ik in een vuilniszak (in een kleine, charmante ronde bak met deksel). Ik heb op die manier slechts 1x per jaar een vuilniszak te storten op het parkeerterrein.

Ik heb één (eigenlijk drie) composthoop, waar ik al het organisch keukenmateriaal + blad+ tuinafval laat composteren.

Op zondag 25 februari is er weer een Bachconcert in de Kapel om 20.00 uur. Toegang gratis, bijdrage gewenst. Ik was er reeds 2 x en vind het bijzonder om in onze eigen kapel zo’n concert bij te wonen.

Een mooie afronding van deze column, dunkt mij.

Marianne

Januari 2018

Beestenboel

Ik liep zojuist even naar de schuur, waar mijn nieuwe afvalbak staat.

Zag de poes van de overburen voor hun deur, kennelijk met de vraag waar hij/zij nu eens naar toe zou gaan. Het is een gezellige, mollige poes. Grijs met witte vlakken.

Toen hij mij zag, wisselden we een blik van verstandhouding en wist hij weer: O ja, bij deze mevrouw mag ik alleen op het graspaadje in haar voortuin liggen.

Dat kwam zo:

De eerste poes die bij ons in huis kwam, was Mimi. Ze heeft 25 jaar geleefd. Ze kwam bij ons door mijn zus, Mimi, die een nest had en vroeg of ik 2 poesjes tijdens haar vakantie wilde verzorgen.

Dat hebben we gedaan. Maar bij terugkomst wilde ze eigenlijk maar één poesje mee terugnemen. En de kinderen wilden niet béide poesjes kwijt.

De laatste poes die in huis kwam is ook zo’n 20 jaar gebleven. Aan het einde bleef ze praktisch de gehele dag op één plek liggen, soms binnen, soms buiten. Ook in de voortuin (zie boven).

Tenslotte ging ik met hem naar de dierenarts. Die zei dat ik haar kennelijk een goed hospice had gegeven. Opereren was geen optie meer. Een prik en Bongo ging naar de kattenhemel.

Vanaf die tijd wist ik zeker dat ik niet meer voor een huisdier wilde zorgen. Mijn kleine kleindochter heeft mij proberen om te praten, te smeken, een foto te sturen van een nestje jonge katjes die je gratis kon ophalen: ik was vastbesloten en onvermurwbaar.

Als eerbetoon aan Bongo en aan alle andere katten die we hadden, besloot ik geen enkele kat meer in de tuin te dulden. Zodra ik een kat zag, heb ik hem er resoluut en met vuur uitgejaagd. Ruimte genoeg in andere tuinen en de wei. Het werkte en ik was daar heel tevreden over.

En toen kwamen 2 jaar geleden de nieuwe overburen in Bronkhorst wonen. Met kat, een buitenkat.

Ik vind het prachtig om te zien dat hij bijzondere lig- en ook loopplekken heeft uitgezocht: de tuin van mijn buurman, de auto van de andere overburen, zelfs op ’t Hof schijnt hij wat vaste plekken te hebben. En dus af en toe ook op het graspaadje in mijn voortuin. Het gebeurt wel eens dat ik de auto instap, of de auto achteruit langs de border zet en dat hij er dan ligt. Soms kijken we elkaar alleen maar aan. Maar soms vertrouwt hij het toch niet helemaal en loopt rustig weg.

We hebben dus een duidelijke afspraak, waar hij (of is het een zij?) zich aan houdt. Ze noemen dat ook wel operante conditionering.

Misschien komt er ooit nog wel eens een relaas over alle andere dieren (en mensen?) die in dit huis en deze tuin verbleven. Dat waren er nogal wat.

Marianne


December 2017

Er waren in de afgelopen periode twee bijeenkomsten voor de Bronkhorster bevolking:

1e de jaarlijkse vergadering van de Kermiscommissie en

2e de halfjaarlijkse vergadering van de BSB (Belangengroep Stad Bronkhorst).

De vergadering van de Kermiscommissie/Schutterij van Bronkhorst:

Aan de bestuurstafel zit een brede waaier van mannen, veel oud-gedienden.

De hele agenda wordt vlot, soepel en routineus afgehandeld. Men kent het klappen van de zweep en zelfs de behandeling het financieel verslag gaat gepaard met kwinkslagen.

De verloting vóór de pauze levert, behalve één of twee flessen wijn, stukken kaas en worst, die onmiddellijk op de bijzettafel gelegd worden om, in stukken gesneden, te dienen als hapje bij het drankje tijdens de pauze.

Bij de vergadering van de BSB zaten slechts 5 mensen achter de tafel. Twee mannen en drie vrouwen!!

De eerste verrassende, verheugende mededeling ging over het schutterszilver. Met vele andere stukken teruggevonden in een huis in Amsterdam!!

De begroting werd besproken en daarna hield Alice een heldere, goed gedocumenteerde visie op het toekomstplan voor Bronkhorst. Deze mening over de presentatie heb ik de afgelopen dagen door meerdere mensen horen noemen.

Helma vertelde over de twee bijeenkomsten die de werkgroep Noaberschap belegde en waar een aantal initiatieven uit zijn gekomen: naar de film, samen eten, moestuinieren, boodschappengroep enz..

Frans verlaat het bestuur (en tezijnertijd ook Bronkhorst). Een nieuw lid, Peter meldt zich aan.

Er ontstaat een clubje dat een Oud en Nieuw-bijeenkomst zal organiseren.

En dan het volk. Beide keren zat de ruimte vol, heel vol.

Oude gezichten dwz mensen die hier al lang, van zeer tot tamelijk lang wonen.

Nieuwe gezichten dwz mensen die hier drie of minder jaren wonen. Kortom een goede vertegenwoordiging.

En dan komen de Dickensdagen in Bronkhorst.

Onderhand traditie, maar wel met een ander financieel plaatje, dat in Bronkhorst nog nimmer werd gevraagd. Daar waren wel enige vragen over met weinig bevredigende antwoorden.

Zou in de toekomst door wat voor gezelschappen dan ook, gebruik gemaakt kunnen worden van dit stadje? Bronkhorst te huur voor een paar dagen?

Marianne


november 2017

Ik heb mezelf een man geschapen. In een dag! Nog niet volmaakt: maar toch. Als ik in de hal ben, of door de buitendeur ga, zie ik hem onmiddellijk in al zijn betrekkelijke schoonheid. Als u hem zou willen zien, hoeft u slechts het voorerf op te lopen, voor de lantaarnpaal post te vatten en ..... ziedaar!


Voor al deze dingen heb ik tijd, nu praktisch de gehele tuin in ruste onder het dekkleed ligt. De notenboom laat nog steeds blad vallen en dat is goed te gebruiken op de paden. Ziet er tamelijk "mooi" en rustig uit.


Deze week schreef ik voor iemand een stukje over de gele  morgenster. De eigenzinnigste plant die ik ken. Misschien voel ik een zekere verwantschap. De bloemen gaan alleen 's morgens open. ALS HET NIET REGENT! Ze bloeien slechts een ochtend. Daarna is het enige tijd een wat onaanzienlijke plant met een uitgebloeide bloemknop. Maar als het weer het toelaat (geen regen, niet al teveel wind) ontwikkelt zich na enige tijd de weergaloos mooie pluizenbol. Je zou denken dat deze, ook door zijn vorm, zeer kwetsbaar is, maar hij is dat stukken minder dan bijvoorbeeld de paardenbloem. Je moet hem dan wel zo snel mogelijk van de plant halen, want regen en wind houdt hij ook dan niet. Als je alle pluizen van de paardenbloem in een keer weg weet te blazen, mag je een wens doen. Bij de kunstige sterrenpluizen van de gele morgenster, lukt je dat nooit.


Dan las ik in een kruidenboek nog dit: "Als je lijdt aan een ziekte die men lethargie noemt, dat wil zeggen, geheugenverlies, neem dan het kruid dat wijnruit heet, was het in azijn en leg het op je voorhoofd".

Een tip van een anonieme schrijver uit de 6e eeuw voor Christus.

De wijnruit staat zowel bij Jan en Geerte als bij mij in de voortuin. Alleen is hij bij Jan en Geerte stukken mooier en groter.


Marianne

Oktober : wegverkeer

De eerste column, die ik in januari schreef, was geïnspireerd door enkele dingen die te maken hadden met verkeer en de bijzondere weg door Bronkhorst.

Dit is een soort vervolg, maar dan anders.

Het gebeurde op een mooie zondag, nog niet zo lang geleden, dat ik op straat een medebewoner tegenkwam. Wij liepen samen een eindje op (en om), richting kapel. Daarna er omheen, de Kapelstraat in.

Ik zag eerst de mannen in motorpakken en toen hun motoren, die, zes in getal, in gelid stonden op de plek waar dat niet mag, omdat het de vaste parkeerplekken zijn voor de bewoners die in “het centrum” wonen. Kennelijk waren al die bewoners weg met hun auto. Ik vond die toevalligheid en al die motoren op een rijtje wel leuk. Zo niet mijn compagnon. Hij ontstak in woede, dat was te zien en te horen. De vraag is wie juist, of het meest juist gereageerd heeft, of hoe dat nu moet met die motoren?

Motoren zijn echter niet het enige “probleem” in Bronkhorst.

Toen Jaap P. bezig was de twee lindes bij Klaas achter kaal te maken en ik de takken naar mijn erf versleepte om ze te hergebruiken, reed er een grote vrachtwagen achteruit de Onderstraat af. Ik verbaasde me daar hevig over, maar Jaap vertelde mij dat de “TomTom” bij vrachtwagens (Nederland – of uit welk land?) aangaf dat door Bronkhorst een doorgaande weg over de IJssel naar Brummen loopt, terwijl de bocht bij DGL al niet genomen kan worden.

Is daar in het digitale, TomTom, Google Earth enz. tijdperk niet wat aan te doen? Een routewijziging, -aanduiding aan de basis? En wie uit Bronkhorst gaat dat doen? En hoe en wanneer? Een interessante, zinvolle klus, lijkt mij, die bij de wortel moet worden aangepakt. Het -10- meter bord blijkt immers niet altijd afdoende?

Na al dit ernstige, problematische gedoe vertel ik nog maar iets over mijn tuin. Sinds augustus ben ik bezig om mijn tuin te “bedekken” Eerst deed ik dat al met de borders aan de rechterkant. Toen de paden en het rondje om de notenboom (die ook dit jaar toch weer heel veel noten gaf). Daar kan nu rustig het blad van de boom bovenop komen. Nu moet ik nog rechts naar beneden.

Ik vind het bijzonder en bijzonder mooi dat door de afdeklaag heen natuurlijk toch weer fris, jong groen van bijv. ossetong, longkruid, zeepkruid en ja, vooral ook zevenblad tevoorschijn komt.

Marianne

September Fruit en tuin.

Zondag, einde van de dag. Het heeft 10 minuten netjes geregend. De zon schijnt weer. 

Het juiste moment om bramen en frambozen te plukken. Ze zijn immers fris gewassen en de regen in Bronkhorst bevat niet zoveel schadelijke stoffen. Ik vind het heel bijzonder om dat fruit te plukken. Even in de juiste “mood” komen en het is puur Zen.

De bramen zijn stevig, heel donker en je vóelt of ze rijp zijn door er wat aan te trekken. Als ze niet gemakkelijk loslaten: laten hangen. De frambozen hebben een andere zijnswijze. Ten eerste hangen ze onder aan de takken, bij elke tak aan het einde. Je ziet de groene en rode vruchten schemeren. Je tilt de tak op en ziet de hele rij frambozen hangen in alle stadia van rijpheid, groen tot helder- tot donkerrood. Die laatste vruchten pak je heel voorzichtig tussen duim en wijsvinger, zonder ze fijn te knijpen …….in het bakje.

Kan iemand het zich voorstellen? Als je het zelf wilt meemaken….je bent welkom. Spreek maar af, maar dan misschien voor volgend jaar.


Overigens zou ik een groot deel van de tuin, de gehele rechterkant vanuit de achterkant van het huis gezien (+/- 100 m2) in gebruik willen geven aan anderen. Heeft iemand interesse of ken je iemand die dat heeft? Graag. In vorige columns had ik het al over iemand uit een buitenland. En omdat ik gedurende een aantal jaren docent NT2 (Nederlands als 2e taal) ben geweest, zou ik misschien wat kunnen betekenen in het aanleren van die lastige taal en de gewoonten en gebruiken van die lastige Nederlanders.

Tenslotte, op 23 september gaan we met elkaar appels plukken. Een nieuwe actie. Wat is de beste manier om appels te plukken? Ronddraaien, geloof ik.

Een heel aantal jaren geleden maakte ik wijn. Van bramen, pruimen, wijnranken, rabarber enz. ook van appels. Die laatste raapte ik een keer uit de boomgaard, samen met een jongen die af en toe in de tuin kwam werken voor wat zakgeld. Het waren zoveel appels, dat ik de kruiwagen ging halen. Ik durfde echter niet met de kruiwagen door Bronkhorst terug te lopen naar huis. Voor mijn jongenshulp was dat geen probleem. Hij kreeg zoveel appels als hij mee wilde nemen.

Het wijnmaken is nooit tot grote hoogte/kwaliteit gestegen, wel het maken van likeur, maar dat is een stuk eenvoudiger.

Marianne

Augustus 2017

 

Nog enige tijd en dan is er de Kermis, donderdag en vrijdag, 7 en 8 september. Het Kermisgeld, de bijdrage van de bewoners, is al opgehaald door 2 charmante mannen.

En dan komen, een week voor de Kermis, de trommelaars, drie in getal. Zij maken vanaf donderdag 31 augustus, precies  om 7 uur ’s avonds al trommelend een rondgang door alle straten van Bronkhorst.

Behalve zondag ……rustdag.

Ik weet nog dat het voor mijn zoon een hele eer was toen hij eindelijk mocht trommelen. Hij is nu 43. Als ik het goed heb trommelden alleen de jongens. Daarvan waren er lange tijd genoeg. Ik weet ook dat in mijn buurtje/straat iedereen om 7 uur buiten stond, volwassenen en kinderen. Trommelaars bewonderen en bemoedigend toeknikken/ een praatje maken met elkaar/ trommelaars opnieuw bewonderen en toeknikken/ en weer je huis in.   

Nu zitten we meestal wat gezapig op het bankje van Frans.                                                   

Maar we kómen buiten, bewonderen de trommelaars (jongens of meisjes) en praten met elkaar. 

En wat zal ik over de Kermis zelf vertellen?

In het rode boekje “Bronkhorst” van Ebbenhorst Tengbergen staat dat niet de draaimolen, de kraampjes en (vroeger) de danstent de belangrijkste attracties waren, maar het optreden van de schutterij, waarmee de kermis op donderdag om half twee wordt geopend.

Wat ik erg leuk vind, is de stoelendans, die sinds enige jaren op het “pleintje” voor de pomp plaatsvindt. Sinds wanneer is het eigenlijk op die plek? En is het dan al zolang altijd mooi weer?

Zelf doe ik niet meer mee ivm artrosepootje, maar het is een feest om het spektakel te zien. Al die meisjes en vrouwen die, ieder op hun eigen manier, proberen te winnen zonder dat teveel te laten zien. De grappen die er altijd met het aantal stoelen gemaakt worden. De muzikanten die in de Boterstraat zitten, met de rug naar ons toe. De toeristen die er niet door kunnen en moeten wachten of omkeren. De toeschouwers die meeleven. En niet in het minst het weer dat (altijd) meewerkt.

De Kermis komt dat zien en meemaken!!

Enkele jaren geleden schoot Gijs vrij snel de vogel er af. Hij wilde mij, als zijn “buurvrouw” wel tot koningin kiezen. Men ging op zoek, maar kon mij niet vinden. Willy Hulshof heeft die plaats ingenomen. Toen ik weer opdook, was ik te laat voor de eer.

Nu ben ik de enige vrouw in Bronkhorst die koningin had kunnen zijn.

 

Marianne

 

 

             


Juli 2017


 


De column van juni kwam te vervallen.


Ik was weg. Met mijn dochter. Naar Oerol. Voor de 7e keer.


Het was weer en opnieuw geweldig. Samen in een tent, een heel grote. Samen op de tandem (dat vindt mijn dochter veiliger). Samen voorstellingen zien. En straattoneel. Kopjes koffie drinken in ons stamcafé aan onze stamtafel zodat mijn dochter haar administratie (??) kan bijhouden en ik interessante tijdschriften kan lezen.


De eerste dag was het droog; reizen, de tent opzetten, uit eten in het piepkleine Schotse restaurant drie keer om de hoek. De tweede dag regen, de gehele dag: lezen, tot rust komen (dit gold vooral voor mijn dochter, want die werkt ontzettend hard in haar ingewikkelde baan}.


Daarna 10 dagen prachtig weer. En Terschelling is zó mooi. En Oerol is zó leuk en bijzonder.


De terugreis met boot – auto. Onderweg nauwelijks een wegrestaurant o.i.d. Doorgereden naar Bronkhorst. Maaike (zo heet mijn dochter) rondgeleid in de vernieuwde Gouden Leeuw. Ruud zat op zijn tweede werkplek. Indrukwekkend!


Op het vóórterras één/twee kopjes koffie/thee gedronken met ieder een maagvullend hazelnoot schuimgebak.


Het is leuk om daar in de avond te zitten. Geen of nauwelijks toeristen, maar wel een aantal autochtonen die een wandelingetje maken of de hond uitlaten.


Zo hoorde ik uit de 1e hand hoe bijzonder de maaltijd was bij Frans. Hoe enthousiast iedereen was en hoe goed de organisatie was geweest. En hoeveel mensen zich hadden opgegeven en aan tafel aanschoven.


Helaas heb ik dat moeten missen. Is de planning volgend jaar weer tijdens Oerol? Check!   Volgend jaar is Oerol van 15 – 24 juni. De maaltijd is de laatste zaterdag van juni. Precies op de laatste dag van juni: namelijk 30 juni. Ik kan er dus bij zijn!!


Na dit verhaal over mijn Oerolgebeuren en de terugkeer: nog een verrassing voor Bronkhorst. Er zijn wéér 2 huizen verkocht, waaronder het Dickens Museum. Dat is toch bijzonder. Nu staat er nog één huis officieel te koop, maar wie weet zijn er nog meer bewoners die de overstap naar een andere woonplek overwegen.


Bronkhorst in beweging!!


Marianne


Mei 2017



BEELD


Op een dag een brief gepost.

Teruglopend een wolk van roze bloesem.

Ik liep iets verder dan mijn huis en keek naar de boom aan de overkant op het erf van Jan en Geerte.

Opnieuw kwam er een zachte windvlaag die de bloesem door de lucht liet dwarrelen en precies op de weg (de bijzondere weg door Bronkhorst) liet vallen.

Er kwamen twee auto’s aan, van beide kanten één.

Toen ze voorbij waren, zag ik de afdruk van de banden in het straattapijt van roze blaadjes.


GELUID


Ik moest voor een vraag naar het huis van Alice en Mascha, einde ’t Hof rechts.

Plotseling stond ik doodstil omdat ik een bijzonder geluid hoorde. Waaide het zo?

Niet te voelen.

Het was precies de juiste, lichte wind die de toppen van de hoge populieren langs beide zijden van het Manenveld, liet zingen.


GEVOEL


Er wonen niet héél veel mensen in Bronkhorst. Maar wel zijn haast alle vormen van (samen)leven vertegenwoordigd.


  • Alleenstaanden vrouw - man
  • Gehuwden/ samenwonenden (in 1e of latere instantie)
  • 2 mannen en 2 vrouwen
  • En sinds kort ook weer meer kinderen met hun ouder(s)

Hoe zou het zijn als er mensen uit een buitenland zouden komen wonen. En/of asielzoekers/statushouders?


Marianne





April 2017



Pasen is voorbij (en dus ook de Paas-Motor-Tochten)

De vergadering van de BSB is voorbij

De verbouwing van Ruud is voorbij

De feestelijke opening is voorbij

Het leven zou saai kunnen zijn/worden…


Maar… we hebben de borrel op 5 mei in het verschiet.

Alle Bronkhorstenaren uitgenodigd vanaf 17.00 uur.


Omdat ik eerst van mening was dat de bijeenkomst bij de Gouden Leeuw zou plaatsvinden, schreef ik onderstaande alinea:


'Zou het leuk zijn als veel, zo niet alle bewoners zouden komen en Ruud de grote zaal/deel moest openen en wij allemaal de wandschildering van Renée zouden kunnen bewonderen met de koe die een stopcontact-achterwerk heeft en misschien Bronkhorster bier drinken, gefabriceerd door Steve Gammage, die daar al vele prijzen mee won?

Steve en Yvonne zijn trouwens oorspronkelijk bewoners van Bronkhorst. Zij hebben in het pand van/naast Willy gewoond toen zij pas getrouwd waren.'


Edoch, de bijeenkomst vindt plaats in het Keukengemaal!

Voor degenen die niet precies weten wat en waar dat is:

- het is sinds enkele jaren de derde horecagelegenheid van Bronkhorst

- het staat op de dijk en heeft daardoor een prachtig uitzicht op uiterwaarden, IJssel en Veluwe

- het is klein

- het tweede deel van het pand herbergt een expositieruimte.

Misschien wordt er ook wel Bronkhorster bier geschonken.


Er zou op de bijeenkomst gepraat kunnen worden over tijd en een plek van samenkomst voor mensen die:

1e iets met laptop – tablet – smartphone willen

2e iets met een gezamenlijke koffie-bijeenkomst of maaltijd willen

3e boeken willen lenen/uitwisselen of boekbesprekingen willen houden

4e ideeën hebben voor een Nieuwjaarsbijeenkomst.


Misschien heeft de commissie Zorg al wat concretere plannen. Misschien ook wachten zij op/worden zij gestimuleerd door beweging van de bewoners zelf.

Er zouden (inschrijf)lijsten kunnen liggen met bovenstaande onderwerpen, waarop je je naam als belangstellende kunt zetten. En natuurlijk ook enkele blanco lijsten waarop sprankelende ideeën van bewoners gezet kunnen worden.


Marianne




Maart 2017


Buurtmaken


In een jaar tijd zijn er een aantal nieuwe bewoners in Bronkhorst gekomen, zullen er binnen korte tijd nog nieuwe bewoners komen, staan er (nog steeds) een aantal woningen te koop en staat er één markante woning leeg.

Tijd om het onderwerp buurtmaken voor het voetlicht te brengen.


Toen ik 33 jaar geleden in Bronkhorst kwam wonen, was het mijn rechterbuurman Klaas die mij als naaste buur het gebruik van het buurtmaken uit kwam leggen.

Elk huis in het stadje heeft een buurt van 8 of 9 huizen, waarvan 2 naaste buren. Als in een huis nieuwe mensen komen wonen, gaat de naaste buur daar (na enige tijd) naar toe om uit te leggen wat buurtmaken inhoudt en vraagt of de nieuwe bewoners daaraan willen deelnemen.

Als dat zo is, wordt er een datum en tijdstip van de buurtbijeenkomst bepaald. De naaste buur brengt de buurt (dan nog 7 à 8 huizen) op de hoogte en haalt het geld/de bijdrage op. Het ophalen van het geld heeft te maken met het kostenplaatje. “Het hoeft je niets te kosten”.

Dit in het kort over het fenomeen buurtmaken.


Ik sprak hierover ook met Leida en Henny. De een door huwelijk reeds zeer lang bewoonster van Bronkhorst en de ander hier geboren en getogen.

Zij vertelden mij dat het buurtmaken nog veel meer inhield dan die eerste kennismakingsbijeenkomst.

Als je buurt maakte (je kon er ook voor kiezen om het niet te doen), dan was er over en weer de verplichting om bij bruiloften, feestjes en partijen, de buurt uit te nodigen cq als buurt aanwezig te zijn. Het kindje wiegen was ook een bijeenkomst met de buurt. En vooral de begrafenis. Daarbij waren er, met zeer strikte regels, aparte taken weggelegd voor de mannen en vrouwen van de buurt.


Beide vrouwen, Leida en Henny, vroegen mij met enige verbazing en schrik in de ogen of ik dat weer wilde invoeren. Gelukkig ben ik en voel ik mij niet in de positie om iets al dan niet in te voeren.

Mij gaat het om een (deel van) oud gebruik dat mij heel prettig en functioneel overkwam.

Je hoort ergens bij, wordt gekend, opgenomen. Het zou inburgering kunnen heten. Buurtmaken vind ik leuker.


Marianne




Januari 2017

Ode aan de weg door Bronkhorst.

En met die weg bedoel ik het stuk vanaf het kruispunt bij de boom met bank “van Johanna” tot aan het kruispunt op de dijk met het prachtige zicht op de uiterwaarden. De doorlopende weg door Bronkhorst met drie tamelijk onoverzichtelijke bochten.

 

Er was een toevallige samenloop van omstandigheden:

 

* Op de website van de BSB stond een foto van een vrachtwagen die goederen in Bronkhorst moest afleveren. Deze auto vulde praktisch de hele weg (lof aan de chauffeur).

 * Enige dagen daarna begon de verbouwing van DGL. Veel verkeer en veel auto’s, zo strak mogelijk tegen het terrashek aan.

 * Toen las ik in De Correspondent het artikel “Voor wie is er plek in de stad van de toekomst? Auto’s of fietsen?” Dit ging over een wereldstad, de Bengaalse     hoofdstad Dhaka.

 Tenslotte paste door de volgende “toevalligheid” alles als een puzzel in elkaar.

 

* Er viel ‘s nachts een dik pak sneeuw. Omstreeks 10 uur die ochtend zag ik een sneeuwschuiver aankomen op de Molenweg. Hij sloeg linksaf bij het kruispunt       bij  de boom van Johanna, draaide op het kruispunt op de dijk en reed terug. In één beweging (als heen en weer rijden één beweging is), was de weg schoon. Dat wil zeggen: voetpad, rijwielpad en autoweg tegelijk. De sneeuw lag natuurlijk wel in bergjes langs de kant.

 

Plotseling realiseerde ik me dat de weg door Bronkhorst van genoemd kruispunt Onderstraat tot kruispunt Bovenstraat een zeer bijzondere weg is. Zoals gezegd: voetpad, rijwielpad en autoweg tegelijk. Er zijn drie bochten en in één van die bochten staat in de winter regelmatig een groep toeristen te kijken naar de boom met de ransuilen; het lijkt soms wel een zwaan-kleef-aan-groep.

 

Maar zijn het vooral de gebruikers die het zo bijzonder maken of de weg zelf die oproept tot begrip, oplettendheid, inzicht en tolerantie?

 Marianne